In harmonie met de natuur

De Kretenzer beschaving is sinds mensenheugenis sterk verbonden met de natuur en het respect van het Kretenzer volk voor de wereld om zich heen weerspiegelt zich niet alleen in hun manier van leven maar ook in hun kunst en religie. De moderne Kretenzer voelt nog steeds die oude band met de natuur en slaagt er zonder al te veel moeite in om in harmonie met zijn natuurlijke omgeving te leven.

De natuur van het district Chania, zoals overal op Kreta, is in goede staat gebleven. De zee is schoon en de grote gebieden wilde natuur in het binnenland zijn nog ongeschonden. Het rijke landschap en het gematigde klimaat zijn bevorderlijk voor de groei van meer dan 2.100 inheemse planten, waarvan er 300 endemisch zijn, terwijl endemische dieren de mozaiek van de Kretenzer natuur compleet maken. Het district Chania bestaat uit acht zones: kust, laagland, sub-berggebied, berggebied, sub-alpine, alpine, "wetlands" en kloven/ravijnen elk met een unieke flora en fauna.

Veel van deze biotopen zijn nu beschermd (de kusten van Platanias- Gerani- Pyrgos Psilonerou- Maleme, meer van Agia, meer van Kournas, Gavdos en Gavdopoula, Elafonisi, de kaap van Gramvousa en Agia Irini etc. Natura 2000) of zijn gekwalificeerd als nationale parken (kloof van Samaria). Een geliefd motief voor decoratie van de Minoische kunst, de zeelelie (Pancratium maritimum) en het zeeviooltje (Matthiola ticuspidata) groeien in de kuststreken waar de zeeschildpadden (Careta careta) hun eieren leggen.

De steenroos (Cistus villosus-creticus), het Kretenzer wolbloempje of "ploumi" (Ebenus cretica), de olijfboom, citrusbomen en een dozijn van wilde veldbloemen vormen de habitat waar de Kretenzer wilde rat (Apodemus sylvaticus creticus), met de das (Meles meles-arcalus), de marter (Martes foina-bunnites), de wezel (Mustela nivalis-galinthias), de haas en de egel leven. In het laaggebergte bloeien de cyclamen (Cyclamen creticum), de Kermeseik (Quercus coccifera) en de brem (Calicotome villosa), terwijl op een iets grotere hoogte, in het berggebied men de Kretenzer ahorn (Acer sempervirens) en de Kretenzer tulp (Tulipa cretica), welke tussen de kastanjebomen (Castanea sativa) in Kisamos en de cypressen (Cypresus sempervirens) van de Witte Bergen groeien, aantreft. Op deze hoogte vind men ook de Kretenzer wilde geit of "Agrimi" (Carpa aegagrus - cretica), de unieke "stekelmuis" (Acomys minus), de wilde kat of "fourokatos" (Felix silvestris-agrius), en de roofvogels zoals de goudadelaar (Aquila chysaetus), de zeldzame lammergier (Gypaetus barbatus) en de gier (Gyps fulvus). In de vele kloven vindt men, behalve alle hierbovenvermelde planten, tevens zowat de gehele familie van aromatische planten en kruiden van Kreta, met als bekendste het "eronda" of dictamus (Origanum dictamnus).

Elke lente opnieuw is het district van Chania versierd met een kleurenpalet van de bloesembomen, struiken en bloemen, terwijl de bedwelmende geuren van de kruiden de lucht vullen. Het dierenrijk, herboren na de winterslaap, vult het landschap zonder zich ook maar in het minst te storen aan de aanwezigheid van de mens.