Het aanzien van het landschap

Het district Chania is het meest westelijk deel van het eiland Kreta, heeft een oppervlakte van 2.376 km2 en 150.387 inwoners (cencus 2001). Het district Rethymnon vormt de grens in het oosten terwijl de warme Middellandse Zee, de Kretenzer Zee in het noorden en de Lybische Zee in het zuiden zorgen voor een kustgebied van 350 km2 aan de andere drie zijden. De majestueuze Witte Bergen of Madares met tientallen toppen, waarvan de hoogste de Pachnes (2.454 meter) vormen de ruggegraat van het district.

De bergketen spant zich uit van west naar oost en stopt dicht bij het district Rethymnon, intussen vele plateau's als bv. Omalos (hoogte 1.080 m) en Askifou (hoogte 730 m) vormend. Tevens bevinden er zich wilde kloven en ravijnen van een uitzonderlijke schoonheid, zoals Aghia Irini, Samaria, Aradena, Imbros en nog vele andere.

In het noorden vormt zich een grote, vruchtbare vlakte, gevoed door het overvloedig aanwezige water, uit bronnen die levensbrengende rivieren worden, met als grootste de Platanias (het antieke Iardano) en de Kiliaris.

De vlaktes Kisamos, Chania, Armeni en Georgioupolis eindigen bij de druk bevolkte en toeristisch ontwikkelde stranden aan de Kretenzer Zee. De ruw gekartelde kust wordt gekenmerkt door 4 lange schiereilanden die dezelfde naam dragen als de gebergtes: Gramvousa, Irini (Spatha), Akrotiri en Drepanos waardoor de vier lange en toegankelijke baaien Kisamos, Chania, Souda en Giorgioupolis worden gevormd. In de baai van Souda bevindt zich de grootste en veiligste haven van Griekenland.

In tegenstelling tot het noorden, lopen in het zuiden de Witte Bergen door tot bijna in zee, daardoor in het westen en zuiden, met uitzondering van de kleine vlakte van Paleochora in het westen en de vlakte van Frangokastelo in oosten, slechts een smalle strook land om te bebouwen overlatend. Dit heeft als gevolg dat de zuid- en westkust dunbevolkt en minder toeristisch zijn, waardoor de wilde en ongerepte schoonheid niet aangetast is. Ook zijn de vijf smalle baaien in het zuiden: Paleochora, Sougia, Aghia Roumeli, Loutro en Chora Sfakion en de drie in het westen: Livadi, Sfinari en Stomio niet toegankelijk voor grote passagiersschepen.

De eilanden van het district, Souda, Aghioi Theodori of Theodorou in de baai van Chania en Imeri en Agria Gramvousa aan de rand van de kaap met dezelfde naam, zijn klein en onbewoond. Gavdos is een uitzondering daar het het enige bewoonde eiland van Kreta is, en, tevens de moeite van het vermelden waard: het meest zuidelijk bewoonde punt van Europa. Het ligt op een afstand van 23 zeemijlen van Chora Sfakion en op 32 zeemijlen van Paleochora.

Het district Chania bezit het enige natuurlijke meer van heel Kreta, namelijk het meer van Kournas in Apokoronas, en tevens een kleiner, kunstmatig aangelegd meer bij Agia in Kydonia.